|



|
|
|
|
|
| |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Oerbeelden van Ewald Mataré16/09/2005 t/m 04/12/2005
 | Singer Laren presenteert na Auguste Rodin en Ossip Zadkine, opnieuw een belangrijke beeldhouwer. De overzichtstentoonstelling Oerbeelden van de Duitse kunstenaar Ewald Mataré (1887-1965) laat verrassende beelden van mens en dier zien. Gebruikte materialen zijn vooral hout en brons. De presentatie bevat tevens een grote groep houtsneden, aquarellen en een selectie uit zijn keramiek.
In Duitsland geldt Mataré als een van de belangrijkste beeldhouwers uit de periode van het interbellum. Na 1945 schiep hij een omvangrijk oeuvre met talrijke belangrijke openbare opdrachten. Als leraar aan de Kunstakademie van Düsseldorf oefende hij blijvende invloed uit. Joseph Beuys is een van zijn bekendste leerlingen. In de tentoonstelling wordt ook een selectie van diens vroege tekeningen en houtsneden getoond.
Mataré liet in zijn onderwerpen alle bijzaken achterwege en concentreerde zich op een sterk vereenvoudigde vorm, zodat het beeld in één oogopslag gezien en begrepen kan worden. Het dier wordt bij hem een symbool, een teken, een idool. Intieme gestileerde beelden van een koe, paard, kip of kat laten dit duidelijk zien. De koe was voor hem in het bijzonder het zinnebeeld van volledige rust en waardigheid.
Aanvankelijk wilde Mataré schilder worden, maar in het begin van de jaren twintig richtte hij zich op de houtsnede en via het materiaal hout op de vrije beeldhouwkunst. Het gebruik van dit natuurlijke materiaal gaf hem extra uitdrukkingsmogelijkheden in het verbeelden van oervormen. Geslaagde beelden zette hij niettemin ook om in brons.
Naast figuren en indrukwekkende religieuze onderwerpen zijn de belangrijkste thema’s dier en landschap. Het dier was voor hem ‘een deel van een groter geheel’. In zijn aquarellen wijdde Mataré zich bijna uitsluitend aan het landschap. De beleving van het landschap beschreef hij als het ‘zich één met de schepping voelen’. Zijn innige verhouding met de natuur uitte zich in zijn reizen in de eenzaamheid aan de Noord - en Oostzeekust. In het Rijnlandse Büderich, waar hij teruggetrokken leefde, hield hij zelf dieren.
Mataré’s werk werd in nazi-tijd als Entartete Kunst bestempeld en in deze moeilijke jaren maakten kerkelijke opdrachten het hem mogelijk te overleven. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg hij grote opdrachten van kerk en overheid en werd Mataré de belangrijkste Duitse beeldhouwer van religieuze kunst. Bekend zijn de bronzen deuren van de Dom van Keulen, die van de Dom van Salzburg en van de Vredeskerk in Hiroshima. Vele kruisbeelden en liturgische voorwerpen zijn van zijn hand. |
|
|
|
|